Alles over jam en gelei

De twaalf geboden voor het maken van jam, gelei en confiture

Belangrijke regels voor een goed eindresultaat:

  1. Koop het fruit op het juiste moment. De smaak is beter, het is goedkoper en het fruit is voldoende rijp. Onrijp fruit bevat nog geen pectine. Overrijp fruit bevat weinig pectine.
  2. Zorg voor hygiëne. Zet de met soda gewassen en met kokend water uitgespoelde potjes op een schone doek, samen met het andere materiaal zoals lepels enz.
  3. Was het fruit zorgvuldig en laat het daarna goed uitlekken.
  4. Gebruik vooral geen te kleine pan of ketel. Als vuistregel kunt u ervan uitgaan dat het mengsel  fruit + Geleisuiker of Geleipoeder ten hoogste de helft van de pan mag vullen.
  5. Gebruik per keer maximaal 2x het recept.
  6. Maak voor jam en marmelade de vruchten met houten lepel, mixer, keukenmachine, vleesmolen of rasp fijn.
  7. Voeg de Van Gilse Geleisuiker, Van Gilse Geleisuiker Speciaal of de Van Gilse Geleipoeder toe vóór de massa op het vuur gezet wordt.
  8. Breng de massa in een open pan onder af en toe roeren aan de kook en laat alles gedurende de aangegeven kooktijd flink borrelend doorkoken. De aangegeven kooktijd begint op het moment dat de massa flink borrelt en het borrelen niet meer door roeren met een houten lepel ongedaan gemaakt kan worden. Begin dus niet te vroeg af te tellen.
  9. Schuim de massa na het koken af.
  10. Gebruik potten met een inhoud van maximaal 500cc. Een gewone jampot heeft een inhoud van 350cc. Zet de potten voor het vullen op een natgemaakte doek, ze kunnen dan niet knappen. Sluit de potten onmiddellijk na het vullen, tenzij anders aangegeven in de recepten. Potten met schroef- of Twist-offsluiting zijn zeer geschikt. Gebruik voor afsluiting nooit deksels van zacht plastic of glas.
  11. De jam kan ook worden afgesloten met paraffine. In dat geval moeten de potten met inhoud eerst helemaal afkoelen.
  12. Bewaar de jam, confiture en gelei altijd op een droge, koele en donkere plaats.